Pieter Embrechts begeeft zich in de laatste aflevering op het uiterst onstabiele en wazige pad des verderfs: dronkenmanspraat! Een avond goudgele bieren hijsen of net die fles wijn te veel ontkurken. Iedereen kent de gevolgen: je schakelt over op de native speech van de Michel Daerdens van deze wereld en begint ongecontroleerd te lallen. ‘Man over woord’ onthult, voor het eerst in de geschiedenis, wat er precies in de spraakgebieden van onze hersenen gebeurt wanneer we (te veel) alcohol consumeren.
Verlost van alle katers en met een frisse kop trekt Pieter daarna ook naar Gent om het over het niet alleen uiterst sappige maar ook volstrekt unieke Gentse dialect te hebben. Want terwijl overal elders dialecten lijken op de dialecten van de buren en langzaam in elkaar overvloeien, is het Gents totaal verschillend van het koeterwaals dat in het ommeland van de stad wordt gesproken. Wat alle Gentenaars al wisten, wordt door ‘Man over woord’ wetenschappelijk onderbouwd.
‘Man over woord’ legt zijn oor ook te luister in het Vlaamse parlement: praten de heren en dames politici nu sneller of trager dan vroeger? En omdat het de laatste aflevering is, mag er ook eens stevig gevloekt worden. Dé grote klassieker in dat genre is nog altijd “godverdomme”, en om in stijl af te sluiten onthult Pieter Embrechts niet alleen de oorsprong, maar ook de psychologisch heilzame effecten van deze vloek.
In de vijfde aflevering vertelt Pieter Embrechts onder meer het ronduit fascinerende verhaal van Johannes Goropius Becanus. Deze in zijn tijd befaamde geneesheer en taalkundige is anno 2011 eerder onbekend en dus onbemind in de Scheldestad. En toch leverde hij een aanzienlijke bijdrage aan het prestige van ‘t Stad. In 1572 rolde zijn levenswerk ‘De Origines Antwerpianae’ van de persen. Het lijvige boek bevat een van de meest verbazende, epische én komische taalverhalen aller tijden: Becanus bewijst daarin namelijk dat het Antwerps de oudste taal ter wereld is, en dat Adam en Eva in het Aards Paradijs … Antwerps spraken.
Naast het bij wijlen surreële verhaal van Becanus brengt Pieter ons wild gesticulerend het belang van gebaren bij. Want die blijken haast even essentieel te zijn als woorden om iets uit te leggen. Pieter neemt de proef op de som en bindt enkele vrijwilligers aan handen en voeten om de grote rol van lichaamstaal te bewijzen in de communicatie.
‘Man over woord’ vertelt ook waarom het Nederlands van Marokkanen zo raar klinkt, en Maaike Cafmeyer krijgt Vlaamse voordeuren tegen haar neus wanneer ze een Hollandse grote boodschap wil doen.
Pieter Embrechts en Reinhilde Decleir brachten voor de vierde aflevering het Nederlands van eeuwen geleden terug tot leven. Spinvis ging aan de slag met het materiaal en maakte er een nummer van, over een man die zijn droomvrouw wil kussen over een afstand van eeuwen heen.
Wil je het nummer op je mp3-speler zetten? Dat kan je, door het te downloaden. Klik daarvoor op de player hieronder op het pijltje dat naar beneden wijst.
De tekst:
Ik hεp hīr dondərdaç vaif pont z tər apələ γəkocht. Diə w rə rot
Swa mag gaskehana. Anǣ thērō stadai skuluth jī habēna puttakīna mith friskō hunangō (x3)
Spinvis maakte voor Man over woord een nummer in het Nederlands van 1500 jaar geleden. Maar wat vindt hij precies zo bijzonder aan taal? En hoe gebruikt hij ze zelf in z’n liedjes? We gingen het hem vragen.
Hoe klonk het Nederlands in het jaar 1500, toen in Gent keizer Karel geboren werd? Of in het jaar 1000, toen in het huidige Amsterdam de eerste dorpen ontstonden? En in het jaar 500, toen Clovis regeerde over onze streken? Het is eeuwenlang een groot raadsel gebleven, maar daar bracht de Leidense professor Michiel de Vaan verandering in.
Met behulp van oude beschrijvingen van onze taal, gedichten en andere documenten, slaagde hij erin een dialoog te reconstrueren zoals die 500, 1000 en 1500 jaar geleden zou geklonken hebben. Vanaf 1200 zijn er schriftelijke bronnen, daarvóór zijn er enkel losse woorden bewaard gebleven. Maar daarmee ken je de uitspraak nog niet.
Wat de Vaan daarom gedaan heeft, is evolutie van het oud-Duits, het oud-Engels, het Nederlands, het Fries en hun dialecten naast mekaar leggen. De uitspraak van een taal verandert immers volgens wetmatige patronen. Door de bekende Germaanse talen te vergelijken (waarvan de oudste het Gotisch is, ca. 400, dan het Oudengels, vanaf 700, enz.) kan hij, dankzij die wetmatige patronen, afleiden hoe de woorden er in het beginstadium uit hebben gezien. Je kan het vergelijken met het werk van paleontologen, die uit levende en uitgestorven dierskeletten kunnen afleiden hoe de stamvader van een bepaalde soort er miljoenen jaren geleden uitzag.
2011
Pieter: Ik heb hier donderdag vijf pond zoete appels gekocht. Die waren rot!
Reinhilde: Dat kan gebeuren. In plaats daarvan krijgt u een potje met verse honing.
1550 Brabants (Antwerpen)
P: Ik hεp hīr dondərdaç vaif pont z tər apələ γəkocht. Diə w rə rot
R: Da kan ʒə rə. In hār stēdǝ zεldǝ ən poetəkə mεt vεrsçən nəç kraiʒə
1000
P: Dhonresdagho kōfta ik hiar fīf punt sw tero appelo. Dhie wāron rotane
R: Sō mah gheskian. Ana dhero stedi skulut ghī hebban pottakīn mith ferskin honigo.
De Nederlandse woordkunstenaar en topmuzikant Erik de Jong alias Spinvis was zo gecharmeerd door het resultaat, dat hij besloot een song te schrijven op basis van de onderzoeksresultaten.
De vierde aflevering van ‘Man over woord’ presenteert een wereldprimeur. Voor het eerst horen we hoe onze taal klonk in de jaren 1500, 1000 en 500. En dat terwijl de oudste bewaard gebleven geluidsopnamen dateren van amper een eeuw geleden. Hoe dat kan? ‘Man over woord’ vroeg een historische taalhistoricus om met behulp van oude beschrijvingen van onze taal, gedichten en andere documenten een dialoog te reconstrueren zoals die 500, 1000 en 1500 jaar geleden zou geklonken hebben. Het resultaat wordt vertolkt door Pieter Embrechts en Reinhilde Decleir, en op muziek gezet door Spinvis.
Pieter Embrechts permitteert zich tussen twee tijdreizen door uiteraard ook een uitstapje naar het heden. Waarom kraaien hanen kukeleku in het Nederlands en cocorico in het Frans, en klinken ze nog veel maffer in andere talen? Waarom loeit een sirene van een ambulance in Japan anders dan bij ons? Elke taal heeft woorden die eigenlijk klanken nabootsen, maar hoe kan het dat die woorden in elke taal anders zijn? Welkom in de wondere wereld der onomatopeeën.
In deze aflevering krijgen we ook te zien hoe de verdedigers van het Algemeen Beschaafd Nederlands de pedalen verliezen en de rubriek ‘Waarom praten die zo raar?’, neemt deze keer stotteraars onder de loep.
Met de dialectenapp van Man over woord tover je je smartphone om tot een survivalkit en kun je jouw dialect vereeuwigen. Download de app gratis via de App Store of de Android Market:
Omschrijving van de app
Wist je dat de West-Vlaamse Evy Gruyaert een aardig mondje Meulebeeks spreekt? Of dat Peter Van de Veire best zijn mannetje kan staan in het Waarschoots? Ook Kevin Major, Eddy Demarez, Stef Wijnants en vele anderen zetten hun beste dialectbeentje voor in de app, met in het totaal achttien Canvasstemmen.
Je kan ook zelf meedoen en zinnen insturen. Neem je sappigste dialect op en laat heel Vlaanderen meegenieten van de taal van je streek. Met jouw hulp maken we van de Man over woord-app een complete dialectenbibliotheek.
Behalve een dialectendatabank is het ook een echte survivalapp. Alle zinnen zijn immers opgedeeld per stad en per categorie. Zo vind je makkelijk die ene zin die je maar niet uitgesproken krijgt. Vanaf nu kun je je perfect verstaanbaar maken in elke uithoek van Vlaanderen, of je nu een verdwaalde Limburger in Antwerpen bent of een Brusselaar op bezoek in de Westhoek. Een pintje bestellen of een lokale schone het hof maken: deze app doet dat gewoon voor jou… en dat gratis en voor niets.
Dialectenapp downloaden
voor iPhone, iPod touch en iPad (vanaf iOS 4.0): via de App Store
In de nieuwe rubriek ‘Waarom praten die zo raar?’ vist ‘Man over woord’ uit waarom een groep mensen die nochtans Nederlands praat, zo raar klinkt in onze oren. De Hollanders moeten er als eerste aan geloven, en achter hun rare taaltje zitten een paar verrassingen verborgen. Want wat we vandaag Poldernederlands noemen, is niet zomaar een aberratie van onze mooie taal, maar een bewuste keuze van enkele decennia terug. Een keuze gemaakt door ambitieuze vrouwen uit de Randstad.
En we blijven nog even langer in Nederland: Pieter Embrechts gaat de uitdaging aan om de Amsterdamse schoffies van ‘De Jeugd Van Tegenwoordig’ te interviewen over hun taalgebruik. Want al valt er in hun teksten al eens een slet of slettin te bespeuren, deze jongens worden alom gerekend tot de meest creatieve gebruikers van het Nederlands anno 2011. Een professor van de Leuvense universiteit legt uit waarom. ‘Man over woord’ onthult ook nu weer één van de grote mysteriën van onze taal: waarom zingen Limburgers? Tenslotte geeft Herman Decroo, gevierd bedenker van Decrooïsmen, zijn favoriete woord mee.
‘De Gulp van Hod en Geilige Heest’. Het zijn anno 2011 meer dan ooit gewaagde en zelfs ietwat pijnlijke uitspraken. Toch nemen West-Vlaamse zielenherders ze nog geregeld in de mond. In deze tweede aflevering van ‘Man over woord’ verklaart Pieter Embrechts wat er nu eigenlijk juist aan de hand is met de -h en de -g klank van de West-Vlamingen. Al sinds mensenheugenis vallen West-Vlamingen inderdaad ten prooi aan ‘oongelach omdat hun -h klank niet ‘elemaal ‘and in ‘and gaat met de meer courante uitspraak. Maar alsof dat niet erh henoeh is hebben mensen uit West-Vlaanderen ook nog een probleem met hun -g klank: daar maken ze dan weer een -h van.
Opperste verwarring regeert wanneer de West-Vlaming zijn territorium verlaat, en daarom wil Pieter Embrechts nu eindelijk eens weten wat er precies aan de hand is met die typische West-Vlaamse klanken. ‘Man over woord’ trekt een dagje naar zee in het gezelschap van dé expert op het gebied van West-Vlaamse klanken en verzeilt uiteindelijk op de verkiezing van Miss West-Vlaanderen waar zich alweer een ander taalprobleem aandient …
Pieter kijkt in deze aflevering ook verder dan de eigen grenzen. Hij vertelt ons waarom we bij een citytrip naar Moskou best een babbeltje in het Nederlands kunnen slaan met de lokale matroesjkas. Die begrijpen ons beter dan we zouden denken. Hij trekt ook naar Limburg, waar zich in de schaduw van de mijntorens een eigen street slang taaltje heeft ontwikkeld. En ‘Man over woord’ doet, met de kundige hulp van Tomas De Soete en Linde Merckpoel, de lange reis over van een woord dat via vele andere talen in het Nederlands is terechtgekomen.
Wil je wel eens weten hoe het met je eigen dt-kennis zit? Dan hebben we goed nieuws, want op deze pagina kan je de online dt-test van Man over woord spelen. Veel succes!